Aristocratie
[Klamer] "Ik probeer de knuppel in het hoenderhok te gooien door te stellen dat er geen goede economische motieven zijn voor het in stand houden van het subsidiebeleid. De subsidiëring is in de jaren zestig van start gegaan en daarvoor was er ook kunst, dus. Ik zeg niet dat de subisidiestop er moet komen, maar laten we wel wezen: subsidiëring is een vorm van aristocratie van de smaak. Vroeger was er een mecenas en dat kwam voor zijn rekening, want die had besloten dat het goed was. Dat was de aristocraat, hij die vindt dat zijn waarden beter zijn dan die van anderen. Dat is nu precies het uitgangspunt van de intellectuele elite waartoe ik harstochtelijk behoor. Wij geloven dat onze smaak beter is dan die van anderen. Zo is er hier in Nederland een radicale scheiding tussen de lezers van de NRC en de Volkskrant enerzijds en die van de Telegraaf en het Algemeen Dagblad anderzijds. Die eerste groep vindt zich gegarandeerd beter dan de andere: ze denken bewuster na, leven kritischer, ze koesteren ook hoge waarden etc... En het is ook deel van onze missie om de Telegraaflezer er van te overtuigen dat hij toch maar beter de NRC zou lezen. Dat hebben we allemaal heel handig geregeld tot op het politieke vlak toe: Botho Straus is belangrijk, Shakespeare in een vernieuwde benadering, dat moet. Het kost allemaal handenvol geld, zoveel dat wij het er niet voor kunnen opbrengen, dus vragen we, of eisen we dat een deel van de belastinggelden daar aan besteed wordt. En daarom moeten we ook volhouden dat het heel belangrijk is en overal infiltreren. We brengen dat over maar als puntje bij paaltje komt en we kijken wie er naar de musea, de opera of het theater gaat, dan blijken dat er ontzettend weinig te zijn, en dat houden we ook zo goed mogelijk verborgen. Als je dan vaststelt dat wie naar My Fair Lady of Fanthom of the Opera gaat het volle pond betaalt, ja wat dan. Kijk, je betaalt hier minimaal 11 gulden voor een theaterticket en als je alle kosten er bij rekent betaalt de overheid gauw 150 gulden bovenop elk ticket, voor de opera is dat iets in de orde van de 500 gulden. Goed, zeggen wij, het is belangrijk, voor het voortzetten van het genre, voor de waarden die er mee overgebracht worden. Dat kunnen we heel mooi zeggen, maar uiteindelijk getuigt het van een soort missiedrang. Wij zijn voortrekkers. Wij bepalen waar deze wereld voor staat en dat is niet gespeend van een zekere arrogantie. Het is leuk dat het ons lukt, maar ik vind het niet helemaal eerlijk, mooi weer spelen met het geld van anderen. De oude aristrokraten waren dan weer wat eerlijker."
20/04/1996 © De Financieel-Economische Tijd
